Trainen of testen?

Trainen of testen? Tijdens het opleiden van een jachthond is het van groot belang het verschil tussen trainen en testen goed in de gaten te houden en daar, bij het voorbereiden van die trainingen, goed over na te denken. Een voorbeeld van testen is bijvoorbeeld het elke week weer herhalen van de markeerproef en dan precies conform de eisen van “Het rode boekje”. In zo’n geval wordt er niet zozeer gewerkt aan het verbeteren van het markeervermogen van een jachthond, maar wordt er meer een bepaalde gestandaardiseerde opdracht ingeslepen. Je leert je hond dan dus een kunstje, meer niet!

De instructeur en natuurlijk ook de voorjager zelf horen tijdens het voorbereiden en het uitwerken van een training na te denken over hoe bepaalde oefeningen opgebouwd kunnen worden. Het uiteindelijke doel mag uiteraard niet uit het oog worden verloren. Door het rustig, weloverwogen en in kleine stapjes opbouwen van oefeningen bent u echt aan het trainen. De uiteindelijk test van al uw inspanningen vindt plaats tijdens een KNJV proef, een Meervoudige Apporteer Proef, een Workingtest of een OWT. Uiteraard kunt u samen met uw trainingsmaatjes ook een ander geschikt moment kiezen om de zorgvuldig opgebouwde trainingselementen te testen. Na zo’n uitvoering kan er een evaluatie plaatsvinden en kan er vastgesteld worden aan welke onderdelen nog gewerkt moet worden. De onderdelen, die dan nog niet helemaal goed lopen worden wederom afzonderlijk getraind.

De jachthondentraining is geen wedstrijd! Probeer er dus een training van te maken met oefeningen waar een van te voren uitgedachte opbouw in zit. Je kunt geen punten verliezen! Elke training draait uiteindelijk maar om één complexe oefening. Alle voorgaande oefeningen in die training worden gedaan om ervoor te zorgen dat de honden zouden kunnen ‘weten’ wat er van hun verwacht wordt in juist die laatste complexe oefening. De essentie van die laatste oefening bepaalt welke commando’s je in de voorafgaande oefeningen zou kunnen gebruiken. Voorjagers mogen daar de gehele training rekening mee houden! Het gaat niet alleen om het binnenbrengen of ophalen van dummy’s, maar veel meer om hoe een oefening wordt uitgevoerd. Zowel voorjager als hond moeten er wat van op kunnen steken. Als er zich een situatie voordoet waar trainer en/of voorjager de hond iets kunnen aanleren moet daar onmiddellijk gebruik van worden gemaakt. Er is op zo’n moment geen tijd en ruimte voor twijfel of overleg. Bedenk vooraf goed welke commando’s je wilt gaan gebruiken. Wat ga je doen als het niet gaat zoals je wilt? Meestal is het een juiste keuze om met de oefening te stoppen als het fout gaat en even overnieuw te beginnen.

De honden weten dus steeds vooraf wat er gaat gebeuren of wat er zou moeten gebeuren. De ideale basis om honden steeds een stapje verder te brengen in hun trainingsniveau!

Op tijd stoppen is ook een heel belangrijk onderdeel van een training! Goede kritische instructeurs en trainingsmaatjes zijn daarbij essentieel. U moet elkaar (kunnen) aanspreken als het de verkeerde kant dreigt op te gaan. Voorjagers krijgen tijdens het voorjagen soms last van ‘tunnelvisie’ en kunnen dan zelf niet meer stoppen. "De oefening dient immers toch altijd afgemaakt te worden!?". Een ‘time out’ is op zo'n moment natuurlijk veel waardevoller dan doorgaan. U roept de hond in en beloont hem voor het terugkomen. Laat de hond daarna even met rust en bespreek met elkaar wat er nou eigenlijk allemaal is gebeurd. Luisteren is voor de voorjager, die aan het werk was, in dit geval van grote waarde!

Jan Sluijs